Smerige zaak?

februari 12, 2022

Politiek, zoals iedereen ‘weet’, is een smerige zaak. Geen plaats voor christenen, zeggen ze.   

Of moeten we zeggen dat juist dat de reden is waarom christenen erbij betrokken moeten zijn?

Deze week hebben Romkje en ik in Brussel jonge aspirant-politici gecoacht, als onderdeel van een programma van de Europese Christelijke Politieke Beweging die met dit soort vragen worstelt. De meeste komen uit Oost-Europa, waaronder Oekraïne, Moldavië en Armenië.

Berichten over Russische militaire manoeuvres in de Zwarte Zee en aan de grenzen van Oekraïne hebben de week echter overschaduwd, omdat ze dreigen uit te groeien tot een grootschalige invasie van een land dat slechts drie decennia onafhankelijk is geweest van zijn aanmatigende buur.

Het oorlogsgevaar aan het oostfront van Europa heeft ook een einde gemaakt aan elke viering van het Verdrag van Maastricht, dat deze week dertig jaar geleden in de Zuid-Nederlandse stad werd ondertekend om een ​​politiek verenigde Europese Unie te creëren. Wat in 1951 was begonnen als de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, breidde zich uit tot de Europese Economische Gemeenschap in 1956 en vervolgens tot de Europese Unie in 1992, waarbij het idee van een Europees burgerschap en een gemeenschappelijke munt werd omarmd.

Nadat de toenmalige Franse president François Mitterrand de Duitse bondskanselier Helmut Kohl had overtuigd om de Duitse hereniging voor zijn buurland aangenamer te maken door de D-mark op het altaar van de Europese eenheid op te offeren, werden ook franken, lires, guldens en andere valuta’s omgezet in euro’s.  In alle twaalf lidstaten behalve Denemarken en Groot-Brittannië. Dit volgde op maandenlange onderhandelingen, resulterend in een compromis tussen landen die een volledige unie wilden en degenen die een lossere relatie wilden.

Uitbreiding 

Sinds 1992, na  de ineenstorting van de Sovjet-Unie en haar hegemonie over Oost Europa, groeide de EU tot 28 leden, waaronder de voormalige Sovjet-Baltische staten Estland, Letland en Litouwen. Andere leden van het Warschaupact Polen, Roemenië, Bulgarije, Hongarije, Tsjechië en Slowakije, en de voormalige communistische Joegoslavische naties Slovenië en Kroatië, werden ook lid.

Hoewel, zoals we maar al te goed weten, de Brexit het aantal EU-landen heeft teruggebracht tot 27, gebruiken negentien andere landen nu de euro. Het verlies van Groot-Brittannië is slechts een van de vele uitdagingen waarmee de Unie op haar dertigste verjaardag wordt geconfronteerd. Populisme, klimaatverandering, pandemie en energievoorziening zijn slechts enkele van de hindernissen die moeten worden genomen terwijl de EU de toekomst tegemoet gaat. Ondertussen heeft ze de ontmoedigende taak om ‘gaandeweg te bouwen’ (soms vergeleken met het bouwen van een vliegtuig tijdens de vlucht).

De uitbreiding naar het oosten heeft de verwachtingen van de grondleggers ver overtroffen, maar heeft daarnaast de kiem gelegd voor de grootste Europese militaire crisis in een generatie. Voor Vladimir Poetin was de ineenstorting van de Sovjet-Unie de grootste ramp van de twintigste eeuw. Hij heeft een grote hekel aan de vlucht naar het westen. Terwijl we kijken, probeert hij de geschiedenis om te draaien. Heeft hij Wit-Rusland en Kazachstan niet feitelijk al geannexeerd met ‘goedaardige’ militaire bezettingen,  terwijl alle ogen op Oekraïne zijn gericht?

In actie gekomen

Deze week had ik een zeer verkwikkende Schuman Talk met twee Oekraïense insiders, politica-activiste Hanna Hopka en kerkleider Yuriy Kulakevych, over de huidige situatie. Hanna maakt zich geen illusies over de doelen van Poetin, maar belooft krachtig verzet. Haar natie heeft sterkere vastberadenheid dan ooit om niet opnieuw marionetten van het Moskouse regime te worden – zelfs bij de Russisch-sprekende minderheid in Oekraïne.

Yuriy herinnerde ons eraan hoe de Maidan-revolutie van waardigheid en vrijheid in 2014 de kerk ervan bewust had gemaakt dat ze in het stadscentrum thuishoorde. Een groot deel van de kerk – van orthodox tot pinkstergemeente – was in actie gekomen om te bidden en samen te werken voor gerechtigheid en vrijheid, en tegen politieke onderdrukking en corruptie. Er waren onlangs veel christenen gekozen voor regerings- of burgemeestersfuncties. Kerkleiders hadden zich gerealiseerd dat de Bijbel veel te zeggen heeft over het héle leven, niet alleen over het kerkelijk leven of persoonlijke toewijding.

Oekraïne is een land op een kruispunt. Er staat in haar toekomst veel op het spel voor de toekomst van Europa. Dat de Oekraïense kerkleiders op nationale schaal visie hebben gekregen over de rol van de kerk in de samenleving is vrij uniek in Europa. Wij in het westen zouden veel van hun voorbeeld kunnen leren.

De jongeren die we deze week in Brussel coachen, zijn betrokken bij een van de weinige programma’s die ik ken die christenen toerusten om overal in Europa deel te nemen aan het politieke leven. Waarom is dit zo? Waarom zijn onze theologische instellingen alleen gericht op het opleiden van kerkleiders, maar niet op leiders voor de samenleving? Bedoelen we dat de Bijbel weinig te zeggen heeft over het leven van maandag tot zaterdag? Willen we impliceren dat het evangelie niet relevant is voor het dagelijks leven?

We kunnen heel goed denken dat politiek een vuile zaak is die ongeschikt is voor gelovigen, of dat de Europese Unie een broeinest is van humanistisch activisme dat erop uit is goddelijke waarden te ondermijnen. Maar is het verlaten van het openbare leven echt de manier om ‘Gods wil gedaan te zien’ in Europa?

Dank God voor deze jonge enthousiastelingen die graag opgeleid willen worden voor openbaar getuigenis!

PS. Bekijk hier dit uitdagende interview.

Tot volgende week!




Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.