“Gefeliciteerd!” Vandaag is het de 76e verjaardag van ‘Europa’.
Niet opgemerkt?
Weinig Europese landen maken veel werk van “Europadag”, 9 mei. Toch is dit de verjaardag van het Europese integratieproject. Sindsdien hebben de landen van de Europese Unie onderling oorlog vermeden — iets zonder precedent in de Europese geschiedenis.
Precies 76 jaar geleden vandaag presenteerde de Franse minister van Buitenlandse Zaken Robert Schuman in een toespraak van drie minuten — bijna zo kort als het weerbericht — een visionair voorstel dat de basis legde voor de huidige Europese Unie.
Die toespraak, bekend als de Schumanverklaring, was niet slechts een economisch initiatief over kolen en staal. Het was een morele en beschavingsvisie, gevormd door christelijke waarden van vergeving en verzoening, en door het besef dat mensen naar Gods beeld geschapen zijn en daarom waardigheid dragen. Naties die ooit verslaafd waren aan oorlog werden partners in vrede. Voormalige dictaturen werden democratieën. Voormalige vijanden werden bondgenoten. Grenzen verzachtten. Studenten staken vrij grenzen over. Miljoenen Europeanen groeiden op terwijl zij vrede als vanzelfsprekend beschouwden, omdat eerdere generaties bewust instellingen hadden opgebouwd om die vrede te beschermen.
Dit was het begin van het meest succesvolle vredesproject in de moderne geschiedenis. Na eeuwen van oorlog — met als hoogtepunt twee catastrofale wereldoorlogen — kozen Europese naties voor samenwerking boven wraak, onderlinge afhankelijkheid boven nationalisme, en verzoening boven voortdurende conflicten. En het werkte.
Een goede naam voor deze dag zou “Interdependence Day” (Dag van de Onderlinge Afhankelijkheid) zijn, de dag waarop Europeanen samenwerking begonnen te beoefenen en het algemeen welzijn nastreefden in plaats van “eigen land eerst”.
Toch merken de meeste Europeanen het nauwelijks op, buiten Brussel, Straatsburg, Luxemburg en een handvol scholen of officiële ceremonies. Europadag worstelt om erkenning in een overvolle kalender begin mei. De Dag van de Arbeid op 1 mei blijft diep verankerd in nationale culturen. Nederlanders hebben net uitbundig Koningsdag (27 april) gevierd en zowel Dodenherdenking op 4 mei als Bevrijdingsdag op 5 mei herdacht. Het Verenigd Koninkrijk herdacht gisteren VE Day, 8 mei. Hemelvaartsdag en Pinksteren vallen ook vaak begin mei.
Het meest ironische is misschien wel dat 9 mei ook de zware erfenis van de Sovjet-Overwinningsdag draagt, waarbij lang vervlogen Duitse wreedheden opnieuw worden herdacht, in scherp contrast met westerse houdingen. Hoewel Schuman tijdens de oorlog door de nazi’s gevangen werd gezet, smokkelde hij notities naar het Franse verzet waarin hij schreef dat “wij Fransen zullen moeten leren de Duitsers lief te hebben en te vergeven om Europa na de oorlog weer op te bouwen”.
Als vanzelfsprekend beschouwd
Deze vergeten verjaardag is juist belangrijk omdat Europa zelf vaak als vanzelfsprekend wordt beschouwd.
Veel Europeanen genieten van de vruchten van de Europese integratie zonder veel te weten over haar oorsprong. Onderzoeken tonen herhaaldelijk aan dat het vertrouwen in de EU op het hoogste niveau staat sinds 2007, mede gedreven door een hernieuwd besef van de kwetsbaarheid van vrede na de Russische invasie van Oekraïne. Europeanen zien de Unie steeds meer niet slechts als een markt of bureaucratie, maar als een beschermer van democratie, veiligheid en gedeelde waarden. Toch blijft het begrip van de EU-instellingen, burgerparticipatie en de bron van ‘Europese waarden’ verrassend zwak.
Die herontdekking van waarden is belangrijk. Jarenlang werd het Europese verhaal vooral in economische of technocratische termen verteld: regelgeving, valuta, handelsakkoorden en instellingen. Maar een diepere discussie over de morele en spirituele fundamenten van Europa keert terug.
Een nieuw boek van Fearghas O’Beara, The European Union and Religion, verschijnt volgende maand met verrassende bevindingen. De eerste hoofdstuktitels luiden: “making sense of the EU’s plunge into the sacred pool” en “The EU (re)discovers religion”.
Met een naam die zijn Ierse identiteit verraadt, werkt Fearghas al 28 jaar binnen de EU, voornamelijk in Brussel, waar hij onder andere adviseur was van twee voorzitters van het Europees Parlement. Nu is hij hoofd van het Bureau van het Europees Parlement in Ierland. Wij kennen elkaar sinds 2012.
Dragers van waarden
Fearghas is vanavond mijn gast tijdens deze maandelijkse Schuman Talk, waar we zijn bevindingen en hun implicaties zullen bespreken. Een lange periode van exclusieve secularisatie heeft plaatsgemaakt voor een groeiende erkenning binnen EU-kringen van het blijvende belang van religie in het openbare leven.
Dit is een opmerkelijke ontwikkeling. Het oorspronkelijke Europese project werd vaak voorgesteld als pragmatisch en economisch. Religie leek voorbestemd zich terug te trekken in de privésfeer. Toch laat Fearghas zien dat het tegenovergestelde is gebeurd: religie is geleidelijk “doorgedrongen in de juridische orde van de EU”, vooral sinds het Verdrag van Lissabon van 2009 formele structuren creëerde voor dialoog tussen EU-instellingen en kerken en religieuze gemeenschappen.
Waarom? Omdat Europa steeds meer begrijpt dat samenlevingen niet kunnen overleven op economie alleen. De EU spreekt vaak over “Europese waarden” — menselijke waardigheid, solidariteit, democratie, verzoening, mensenrechten, zorg voor kwetsbaren. Maar waarden ontstaan niet uit het niets. Ze worden gedragen door cultuur, herinnering, filosofie en religieuze tradities. Zoals Fearghas opmerkt, zijn EU-instellingen religieuze gemeenschappen gaan zien als belangrijke “dragers van waarden” en als bijdragers aan de Europese identiteit en democratische legitimiteit.
Europadag verdient daarom meer dan plichtmatig gezwaai met vlaggen. Europadag is de verjaardag van verzoening — en verjaardagen zijn belangrijk omdat ze ons eraan herinneren wie wij zijn.


Tot volgende week,